TREIN TOPSPORT

Spoorwerkzaamheden. Ik ga er niet over klagen, want rails verdienen natuurlijk ook een hele boel zorg, liefde en vakantie. Toch kan ik het onderhand topsport noemen om een stoel in een trein naar Limbabwe te bemachtigen. Al helemaal wanneer half Nederland zich op het perron verzamelt. Ieder individu heeft die ene missie. Ieder individu verlangt, nee smacht, naar die oh zo comfortabele blauwe NS stoel! Het gaat er soms hard aan toe.


Zo ook vandaag op Utrecht centraal. Wanneer ik nogal hoopvol en naïef met een moe hoofd perron 7 op slenter, kom ik erachter dat ik natuurlijk niet de enige ben die op treinavontuur gaat. Ik zucht even maar daarna hoor ik van binnen al snel mijn innerlijke Boeddha: "Ontspan Liv." Ik volg braaf zijn advies op en loop rustig en bedachtzaam door.

"Hmm...", denk ik "nu moet ik zorgen dat ik op een plek kom te staan waar de treindeuren precies voor mijn neus openen." Ik slof weer verder. Mijn oog valt op een paar stoeptegels. Vraag me niet waarom, want ze zien er exact hetzelfde uit als alle andere stoeptegels. "Daar moet ik gaan staan!" Hoor ik in mijn hoofd. Vol vertrouwen loop ik ernaartoe en vol verlangen blijf ik staan.

Ondertussen rennen kolonies gestreste reizigers aan me voorbij. Want ja stel nou dat je geen stoel weet te bemachtigen? Dat gun je toch niemand, vooral jezelf niet. Mijn balans wordt hierbij flink op de proef gesteld, maar ik laat me tijdens deze nek-aan-nek race door niemand uit het veld slaan hoor.


Na minuten van engelengeduld arriveert het geel-blauwe moment van de waarheid. Gespannen kijkt de ongeduldige menigte toe hoe het gele stipje aan de horizon verandert in een indrukwekkend heilig dier: de intercity. Vol verwachting klopt mijn hart wanneer dit zeer gewilde dier beetje bij beetje afremt.


Eenmaal tot stilstand gekomen slaak ik nog net geen tarzan-geluiden uit van geluk. Nog nooit vond ik de deuren van de trein zó mooi. Noem het geluk, toeval of intuïtie: precies voor mijn neus openen zich twee magische deuren. Ik voel me als mozes die de zee in tweeën splijt. Onder begeleiding van engelengezang sprint ik naar binnen en vind ik ook nog eens een stoel. Geen idee waar ik dat aan te danken heb. In ieder geval was dit bijna het mooiste moment uit mijn leven. Nog nooit zat een treinstoel zo lekker.